Stuur een bericht

of neem telefonisch contact op via 02/643.43.43

Vennootschapswetgeving grondig gewijzigd

Vereenvoudiging en nieuwe opportuniteiten ook binnen het domein van vermogensplanning
 
Niet alle wijzigingen zijn binnen het kader van de vermogensplanning even spectaculair maar toch zijn er bepaalde zaken die meer dan onze gewone aandacht verdienen.
De burgerlijke vennootschap wordt afgeschaft en het aantal vennootschappen wordt beperkt tot 4.
- de maatschap die nu ook een commercieel doel zal kunnen nastreven,  wordt de verderzetting van de vennootschapsvormen zonder rechtspersoonlijkheid
- de coöperatieve vennootschap, maar binnen de nieuwe wetgeving zal deze beperkt blijven tot de werkelijke vennootschappen met een coöperatieve gedachtengoed.
- de besloten vennootschap
- de naamloze vennootschap.
Vennootschapsvormen welke binnen vermogensplanning frequent werden gebruikt zoals de Comm.V.A. of de CVBA zullen verdwijnen. Bestaande vennootschappen hebben tot 1 januari 2024 tijd om de statuten aan te passen en zullen verplicht worden dit te doen bij elke statutenwijziging welke plaats vindt vanaf 1 januari 2020.
 
De beperking van het aantal vennootschappen wordt gecompenseerd met een beduidend ruimere vrijheid om binnen de statuten af te wijken van een wettelijk standaardmodel. De BV zal verwacht worden de meest gebruikte vennootschapsvorm te worden waarbij de binnen vermogensplanning gewenste elementen van oude andere vennootschapsvormen kunnen worden ingevoerd en nieuwe mogelijkheden binnen estate planning ontstaan.
Zo zal het binnen de BV mogelijk zijn om de bestuurder statutair te benoemen en om hem/haar het vetorecht uit de vroegere Com.VA toe te kennen.

Toetreding, uittreding en de regeling van overdacht van aandelen, kunnen onder het nieuwe recht op een soepelere manier worden georganiseerd op het niveau van de statuten. Het besloten karakter van de BV wordt immers van aanvullend recht.

Meervoudig stemrecht, ongelijke toebedeling van dividenden, een ontslagregeling met mogelijkheid tot het voorzien van een ontslagvergoeding, maken het mogelijk de BV te modeleren, niet enkel tot een geschikte economische vennootschap, maar ook als vehikel bij een vermogensoverdracht naar de volgende generatie.

Verstrenging van de voorwaarden bij winstuitkeringen

Binnen de nieuwe vennootschapswetgeving zal het begrip kapitaal verdwijnen. Een vennootschap zal dan wel over een vermogen (dienen te) beschikken, het zal niet meer als een onaantastbaar kapitaal bestaan. Schuldeisers verdienen daarom een nieuwe bescherming. Wanneer uitkeringen zullen plaatsvinden, via dividenden of tantièmes, zal dit enkel nog kunnen wanneer kan aangetoond worden dat de solvabiliteit en de liquiditeitspositie van de vennootschap dit toelaten.
De balanstest moet voorkomen dat het netto actief negatief zou worden. De liquiditeitstest dient aan te tonen dat de uitkering niet tot gevolg zal hebben dat schulden, die de vennootschap redelijkerwijs mocht verwachten te moeten betalen binnen de 12 maanden na de uitkering, onbetaalbaar zouden worden.
 

Invoering van de statutaire zetelleer

Onder de oude wetgeving diende, om onder de Belgische wetgeving te ressorteren, de werkelijke zetel in België gevestigd te zijn. Zo dienen de raden van bestuur werkelijk in België gehouden te worden. Dit kon problematisch zijn indien de pater familias zich in het buitenland ging vestigen.
De nieuwe vennootschapswetgeving gaat uit van een statutaire zetelleer. Vennootschappen zullen onderworpen zijn aan het Belgische vennootschapsrecht wanneer hun statutaire zetel zich in België bevindt, ook al wordt de vennootschap niet effectief in België geleid. Dit betekent ook dat de vennootschappen met zetel in België gelegen, geacht worden onderhevig te zijn aan de Belgische vennootschapsbelasting. Hetzelfde geldt voor vennootschappen met hun zetel in het buitenland. Zij worden geacht onderhevig te zijn aan de buitenlandse vennootschapsbelasting, tenzij ze activiteiten ontwikkelen in België.
 
De nieuwe vennootschapswetgeving biedt mogelijkheden maar de vennootschapsvorm en de statuten dienen afgestemd te worden op uw doelstellingen. Bestaande overeenkomsten zoals aandeelhoudersovereenkomsten dienen ook in overeenstemming te worden gebracht met de nieuwe wetgeving. Hoewel er een lange overgangstermijn werd voorzien, achten we het toch zinvol om vrij snel na te gaan in hoeverre u uw vermogensdoelstellingen kan optimaliseren, gebruikmakend van de nieuwe  wetgeving.
Terugkeren naar overzicht

Deze website maakt gebruik van cookies! Meer details over onze cookies kan je terugvinden in ons cookiebeleid